Vlaanderen koploper circulariteit? Cijfers tonen tegendeel.
Hoewel Vlaanderen graag van de daken schreeuwt dat ze pionier is in circulariteit, zeggen de cijfers van de overheid zelf toch iets anders. Zo blijkt uit onderzoek van onafhankelijk onderzoeksbureau VITO dat we door de jaren heen enkel maar meer grondstoffen gebruiken. Zowel de import van materialen als de materiaalconsumptie in Vlaanderen stijgt. Terwijl we in een circulaire economie juist minder grondstoffen gebruiken.

Consumptie grondstoffen blijft stijgen
De Vlaamse ‘materiaalinzet’ monitort alle materialen die de Vlaamse economie binnenkomen voor productie en consumptie. De inzet van materialen in de Vlaamse economie kent tussen 2010 en 2023 een stijging van maar liefst 16%.
En wat als we van die materiaalinzet aftrekken welke materialen voor het buitenland bestemd zijn? Dan belanden we bij de Vlaamse materiaalconsumptie: de hoeveelheid materialen die de Vlaamse economie zelf gebruikt. Niet alleen zegt dit iets over onze consumptiepatronen, het is ook een indicator voor de toekomstige hoeveelheid afval en emissies, aangezien materialen in onze - nog lang niet volledig circulaire - economie vandaag eindigen als afval of emissies. Deze materiaalconsumptie steeg tussen 2010 en 2023 met 11%.

De ladder van Lansink weet altijd raad
Dit doet de vraag rijzen of de strategie om Vlaanderen richting circulariteit te krijgen wel effectief is. MUCE vraagt de Belgische en Vlaamse overheid dan ook nieuw leven te blazen in haar circulaire strategie door meer de focus te leggen op de eerste R-strategieën van de ladder van Lansink. Oftewel: refuse (het vermijden van onnodige materiaalstromen), rethink (producten of diensten herdenken), reduce (materiaalgebruik verminderen), reuse (hergebruik) en repair (herstel). Nu gaat de aandacht nog te vaak naar recyclage.
Zelfs bedrijven trekken aan de alarmbel
De organisatie die de circulaire transitie in Vlaanderen trekt, is Vlaanderen Circulair. Hun focus ligt vandaag sterk op het samenbrengen van het bedrijfsleven. Op zich is dat heel belangrijk, maar er is meer nodig.
Best practices kunnen sneller worden uitgerold, en wetgeving is daarbij een cruciale hefboom. Circulariteit kan verder worden gestimuleerd door het financieel belonen van circulaire bedrijfsmodellen, duidelijke doelstellingen per sector en aangepaste overheidsopdrachten. Dat een groep bedrijven – Carmeuse, Velux, Jan De Nul Group, Colas en Cofinimmo – onlangs zelf vroeg om meer richting en een sterker federaal beleid rond circulariteit, zegt genoeg.

Bronnen?
Lees zelf het onderzoek van de VITO voor OVAM en ontdek meer over de bedrijven die de overheid oproepen tot meer beleid voor de circulaire economie.